Activiteit 4: Gezinnen in alle maten en vormen

Methodiek

Ontwikkelingsdoelen
Nederlands: 2.2
Mens en maatschappij: 2.3 

Materiaal

  • prentenset diverse gezinnen (ook in bijlage: bijlage 4.1)
  • gezinsfoto’s van de kinderen • eventueel boek en/of vertelplatenset
  • voor jezelf: bijlage 4.2: Toelichting gezinnen 

Inhoud

1. Gezinnen verkennen
Leg enkele kaarten van de prentenset ‘diverse gezinnen’ open. Vertel dat dit allemaal gezinnen zijn die Lou kent (Ze zijn familie of ze wonen in de buurt van Lou of …). Vraag de kinderen of ze weten wat een gezin is.

Haal één kaart uit de stapel. Je neemt best een gezinsvorm die niet zo vaak voorkomt bij de kinderen van jouw klas. Laat de kinderen het gezin beschrijven. Je kan hierbij zowel ingaan op talige aspecten (zie lager) als wiskundige aspecten (hoeveel mensen, kinderen, …). Als niet duidelijk is of een afgebeeld kind jongen of meisje is, laat dit dan in het midden. Vraag tenslotte wie ook een gezin heeft zoals op de kaart, of een gezin dat er op lijkt. Vraag eventueel wie een dergelijk gezin kent in de buurt, familie, vriendenkring, … Ga met de kleuters op zoek naar gelijkenissen tussen hun gezin en dat op de prent (bv. evenveel kinderen, een broer/dus die ook in een rolstoel zit, ouders die ook verschillen van huidskleur, …) Geef hierbij de kleuters de kans om uitgebreid te vertellen over hun gezin. 
Volg dezelfde werkwijze voor de andere kaarten. De gezinsvorm die het meest voorkomt in je klas, laat je ergens middenin aan bod komen. Op die manier breng je deze gezinsvorm – zelfs als die veel voorkomend - aan als ‘één van de mogelijkheden’ en niet zozeer als de norm.

Tip:
Wanneer je focust op het zoeken naar gelijkenissen (eerder dan verschillen) tussen de afgebeelde gezinnen en de gezinssituaties van je kleuters, zal je merken dat bijna elke kleuter bij bijna elke prent zeker een gelijkenis kan vinden.

De fotomuur
Je kan een fotomuur ‘gezinnen’ maken met zowel de prenten als de foto’s van de kinderen. Vermijd dat je hierbij overdreven structureert. In sommige klassen zal dit eerder tot uitsluiting dan inclusie leiden. Als je bv. de gezinnen van de kinderen netjes groepeert per gezinsvorm, riskeer je dat de foto van sommige kinderen helemaal alleen komt te hangen.   
Achterliggende visie: Vermijd dat je per ongeluk bevestigt dat er een ‘normale’ gezinsvorm en daarnaast ‘abnormale’ gezinsvormen zijn. Wat jij als ‘normaal’ beschouwt hangt af van jouw referentiekader. Hetzelfde geldt voor je kinderen. Er bestaan geen normale en abnormale gezinsvormen. Er bestaan enkel gezinsvormen die meer voorkomen (‘waarvan er veel zijn’) en gezinsvormen die minder voorkomen (‘waarvan er weinig zijn’). Leer ook je kinderen op die manier naar gezinnen kijken.

Tip: 
Soms kunnen er ‘Lastige’ kleutervragen komen over diverse gezinsvormen. In de onderstaande bijlage kan je hier meer informatie over terugvinden. 

Tip:
Indien in je klas weinig diversiteit is onder de gezinsvormen, kan je ook zelf nog enkele  foto’s meebrengen van ‘mensen die je kent’ of ‘uit je familie’.

Tip: 
Vermijd voortdurend te focussen op jongens en meisjes, bv. door steeds het aantal jongens en meisjes te laten tellen op prenten en foto’s. Stel eerder in vraag waarom kinderen een bepaald figuurtje zien als jongen of meisje en laat het antwoord open. Het is goed mogelijk dat je met je kleuters concludeert dat er in een bepaald gezin bv. één jongen, één meisje en iemand van wie we niet zeker zijn, is.

2. Extra opdrachten
Heel wat personages uit de prentenset ‘diverse gezinnen’ zijn ook te zien in het boek. Die linken worden verduidelijkt in bijlage 4.2 (waarop je ook vindt hoe de gezinnen door de auteurs zijn bedoeld – je hoeft dit niet te volgen als een andere optie didactisch interessanter is in jouw klas). De kinderen kunnen uitzoeken wie op welke prent te zien is.

Je kan een extra memoryspel maken met de gezinnen van de klas. Kopieer hiervoor de foto’s van de gezinnen van de kinderen tweemaal. Je kan dit memoryspel ook achteraf als spel blijven aanbieden of er een boekje ‘Gezinnen in onze klas’ van maken.

 

BijlageGrootte
PDF-pictogram 4-gezinneninallematenenvormen.pdf7.15 MB